Werelddag van de Persvrijheid, 2018

Vorige blog hebben we ‘het boek’ in het zonnetje gezet. Nu is het de beurt aan een verwant onderwerp, namelijk persvrijheid. In ons land en in andere Europese landen is er grote persvrijheid: we krijgen doorgaans vrijelijk te horen en te zien wat er zoal in ons land en op de wereld gebeurt. Daar zorgen onze journalisten en media voor. We zijn dan ook geneigd het belang van die vrijheid te onderschatten. We zijn gewend kritiek, en soms lof, te horen, lezen en zien over nationaal, provinciaal en lokaal bestuur en over reilen en zeilen in andere sectoren en landen. De informatie die geleverd wordt door vrije media is essentieel voor onze democratie, vooral informatie uit onderzoekjournalistiek. De Panama en Paradise Papers over belastingparadijzen zijn er een goed voorbeeld van. Als je niet weet hoe de vork aan de steel zit, als er geen journalisten en media zijn die kritisch nieuws leveren, hoe kun je dan democratie beoefenen, politiek tegenspel leveren en de regering zo nodig voor het blok zetten? Er zijn aardig wat landen waar deze vrijheid niet bestaat. Journalisten zonder Grenzen (Reporters without Borders) stelt jaarlijks een index van landen op, gerangschikt naar hun persvrijheid. De index voor 2018, onder de titel ‘Haat tegen journalisme bedreigt democratieën’, is net uit. Nederland staat op een eervolle derde plaats. In slechts een vijfde van de wereld geldt totale persvrijheid.

     21%, nog een eind te gaan!

Persvrijheid hangt sterk samen met de bescherming van de media en van journalisten. Dictatoriale en corrupte regeringen, foutief opererende bedrijven, de georganiseerde misdaad en anderen willen vermijden dat hun foute operaties aan het licht worden gebracht en proberen het werk van onafhankelijke journalisten te belemmeren of te verhinderen. In de afgelopen tien jaar zijn er meer dan 800 journalisten en mediapersoneel vermoord en het merendeel ervan waren geen oorlogscorrespondenten. Aanvallen op media personeel worden vaak uitgevoerd in conflictvrije omgevingen door de georganiseerde misdaad, knokploegen, veiligheidspersoneel en zelfs de lokale politie, waarbij journalisten het meest kwetsbaar zijn. Deze aanvallen betreffen zowel moord, ontvoering, intimidatie, illegale arrestatie en opsluiting. De moorden in Slowakije en Malta van journalisten die daar onderzoek naar corruptie deden, zijn recente voorbeelden.

Daphne Caruana Galizia, slachtoffer in Malta

De meeste misbruiken tegen media personeel worden niet onderzocht en bestraft. Deze straffeloosheid houdt de geweldscyclus tegen journalisten en media personeel gaande. De zelfcensuur die daaruit voortvloeit onthoudt informatie aan de samenleving en heeft een negatieve invloed op de persvrijheid. De moorden op journalisten en de straffeloosheid ervan hebben een directe invloed op de pogingen van de V.N. om vrede, veiligheid en duurzame ontwikkeling te promoten.
Gezien het overweldigende politieke en maatschappelijke belang van de persvrijheid moet het niet verbazen dat de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in 1993 3 mei als internationale Dag van de Persvrijheid heeft uitgeroepen. Deze Dag dient om bewustzijn te kweken voor het belang van persvrijheid, en regeringen eraan te herinneren hun plicht te vervullen ten aanzien van het gerelateerde artikel 19 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

UNESCO zal op 3 en 4 mei deze 25ste verjaardag van de World Press Freedom Day organiseren in samenwerking met de regering van Ghana. Het thema dit jaar is: ’De macht onder controle houden: media, rechtvaardigheid en recht’. Het symposium bestrijkt onderwerpen als media en transparantie van het politieke proces, de onafhankelijkheid van de media, de verantwoording van overheidsinstanties naar het publiek, huidige uitdagingen en het veilig stellen van online persvrijheid.
Naast het hoofdgebeuren in Accra worden er zo’n 100 andere evenementen wereldwijd opgezet.
UNESCO onderstreept sinds 1997 jaarlijks de persvrijheid door op deze dag de Guillermo Cano Internationale Prijs voor Persvrijheid uit te reiken. De prijs werd genoemd naar Guillermo Cano Isaza, de redacteur van de Colombiaanse krant El Espectador, die vanwege zijn uitgebreide berichtgeving over de drugsbaronnen in het land op 17 december 1986 werd vermoord in Bogota.

Egyptian photojournalist Mahmoud Abu Zeid, is uitgekozen als de winnaar van de 2018 Press Freedom Prize.

Ook in Nederland wordt de Dag van de Persvrijheid gevierd. In onze grondwet staat artikel 7 bekend als de ultieme vrijheid alles te mogen zeggen en schrijven wat je wil.
De Nederlandse Vereniging van Journalisten (nvj.nl) organiseert op drie mei in

Beeld en geluid, Hilversum

het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid in Hilversum het ‘Festival van het Vrije Woord’ met als thema: ‘Hoe waarborgen we persvrijheid in het digitale tijdperk?’ De Amerikaanse schrijver en journalist Franklin Foer is hoofdspreker op deze Internationale Dag van de Persvrijheid. Hij schreef onder andere het boek ‘Ontzielde Wereld’, waarin hij waarschuwt voor het gevaar van bedrijven zoals Facebook en Google die de democratie bedreigen.

 

Een hoog niveau van persvrijheid zoals in Nederland is een groot goed. Dan is nog alles niet noodzakelijk perfect in de nieuwsvoorziening. Het nieuws moet ook op waarheid berusten en tegenwoordig strooit ‘fake news’ roet in het eten. Verder dienen de media niet alleen onafhankelijk maar ook onpartijdig te zijn. Van het laatste hebben de meeste Nederlandse media last, omdat ze vaak Angelsaksische en Hasbara houdingen en meningen overnemen.
Een probleempje is ook de spreiding van het nieuws: teveel sensatie, te weinig opbouwend, te kortstondige aandacht en selectiviteit van onderwerpen. Waarom bijvoorbeeld is er zelden informatie over het menselijk wel en wee in Rusland in plaats van staats- en systeeminformatie? Dat zou een goede manier om verstandhouding te kweken in plaats van steeds op het land af te geven. Gelukkig hebben we kunnen constateren dat een ander element van nieuwsgaring in Nederland goed werkt zoals we pas gezien hebben met de documenten over het afschaffen van de dividendbelasting: toegang tot officiële documenten.
Laatstelijk is er de band met vrijheid van meningsuiting. Als burgers hebben we toegang tot de media, niet alleen consumptief, maar potentieel ook productief via reacties zoals ingezonden brieven en artikelen. We hebben niet alleen het recht maar ook een zekere verplichting onze meningen uit te dragen. Een goede manier om als burger aan de democratie deel te nemen.