Altruïsme

Van Gogh, de barmhartige Samaritaan

Zoals we weten zijn er diverse soorten liefde. Soms wordt er een apart woord voor gebruikt, zoals romantiek, en soms worden verschillende vormen onderscheiden door een prefix, zoals eigenliefde, kalverliefde en naastenliefde. Maar het hoofdbegrip liefde blijft verschillende realiteiten dekken en er zouden meer woorden voor dit superbelangrijke fenomeen gecreëerd dienen te worden. Er lijkt in ieder geval een continuüm te zijn van eigenliefde via vriendschap naar pure naastenliefde, oftewel altruïsme. Alle liefde lijkt goed te zijn, maar altruïsme is superieur en de grootste van alle deugden.
Altruïsme of onbaatzuchtigheid is een handeling, een gewoonte of een ethische doctrine. Het woord is voor het eerst gevormd in 1851 door de filosoof Auguste Comte (1798 – 1857), afgeleid van het Latijnse woord “alter” (een ander) in de betekenis van onbaatzuchtig in tegenstelling tot het veel oudere woord egoïsme. Altruïsme kan gedefinieerd worden als vrijwillig, waardevol gedrag, gemotiveerd door het verlangen alleen anderen en niet zichzelf te helpen. Het is tegengesteld aan egoïsme wat het operationele gedragspatroon van de mensheid is.
Waar ligt het aan dat iemand altruïstisch is of wordt? Abigail Marsch, een Amerikaanse onderzoekster, heeft er haar loopbaan aan gewijd om dit te onderzoeken.
Fysiologisch gesteld is er een deel van de hersenen,  de amygdala, die het belangrijkste is in het herkennen van angstige uitdrukkingen op andere gezichten, een belangrijk element in de motivatie om anderen te helpen. Het blijkt nu dat bij altruïsten de amygdala groter is dan bij de gemiddelde mens, in tegenstelling tot psychopaten die een kleinere amygdala bezitten en totaal gespeend zijn van altruïsme.

compassie ook bij dieren

Een goed voorbeeld van puur altruïsme is het gratis doneren van een lichaamsorgaan, bijvoorbeeld een nier, aan een onbekende. Dit is in de Verenigde Staten al zo’n twee duizend keer voorgekomen. Een ander voorbeeld is het zich maximaal inzetten voor de armen in eigen land of in den vreemde.
Er lijkt dus een continuüm van  zorgzaamheid te bestaan waarvan het ene uiterste gevormd wordt door psychopaten en het andere uiterste door extreme altruïsten.
Wat deze extreme altruïsten onderscheidt van de gewone mens is niet alleen dat ze meer compassie bezitten, maar tevens dat ze het over een wijdere cirkel van mensen uitspreiden. Het ligt meer in de lijn van de verwachting om compassie met familie, buren en collega’s te hebben dan met onbekenden. Pure altruïsten zien zichzelf daarentegen niet als het centrum van een groep met concentrische cirkels van mensen daaromheen. Ze voelen zich niet  beter of belangrijker dan iemand anders. Je zou het nederigheid kunnen noemen,  de deugd die volgens Augustinus engelen van mensen maakt. Als er geen centrum is, zijn er ook geen binnen – en geen buitenringen en niemand verdient meer aandacht en compassie dan een ander. Dit is een goede formule om armen in verre landen even goed bij te staan als onze naaste buren!Dit altruïstische perspectief kan ontwikkeld worden volgens Abigail.

Op maatschappelijk niveau komt compassie en altruïsme steeds vaker voor, ondanks alle rapportages over aanslagen en terreur. Zoals de psycholoog Steven Pinker en anderen het overduidelijk statistisch aangetoond hebben zijn mensen steeds minder bereid  wreedheid en geweld te accepteren, zoals dierenmishandeling, huiselijk geweld en doodstraf. Honderd jaar geleden was het doneren van bloed ongehoord, terwijl het nu gewoon is. Dat zou over 100 jaar ook het geval met nier-donatie kunnen zijn.
De reden van deze altruïstische evolutie is deels gelegen in de verbeterde levensstandaard. Kinderen, althans in het Westen,  worden doorgaans constructief en liefdevol opgevoed. De wereld wordt steeds meer een vredevoller en plezieriger plaats met minder misdaad, ondanks sensationele beweringen van de media tot het tegendeel.
We weten steeds meer over het leed wat anderen in verre oorden overkomt en we ontwikkelen er compassie voor. De wortels van altruïsme en compassie zijn sterker dan die van wreedheid en geweld. En de geschiktheid om zich minder centraal op te stellen, meer compassie en altruïsme te ontwikkelen is in potentie bij velen aanwezig. Zonder twijfel zullen die potenties verder ontwikkeld worden en niet alleen de activist maar de hele mensheid ten goede komen. Overweeg dit pad  ook te volgen, als je het nog niet al doet.

egocentrisch of behulpzaam?

———————————————————-

Wereld Anti-tabaksdag (WHO, 31 mei)

 

We maken aardige vorderingen in de strijd tegen het gebruik van tabak. Die strijd is wel taai: na 50 jaar rookt nog een kwart van de volwassenen. De tabaksfabrikanten zijn geduchte tegenstanders en nicotine is in hoge mate verslavend. In opkomende landen roken ze nog vaak als een schoorsteen. Maar ook daar grijpen de overheden steeds meer in, met positief resultaat. Er is goede hoop dat op langere termijn roken van de wereldkaart verdwijnt.
Het is indrukwekkend hoe de houding ten aanzien van tabak in de loop van de tijd omgeslagen is door bewuste campagnes. Dit zal hopelijk ook gebeuren met overmatig alcoholgebruik en andere verslavende genotmiddelen.
Het thema van de Anti-tabaksdag dit jaar is ‘Tabak een gevaar voor ontwikkeling’. We wensen de Wereldgezondheidsorganisatie en alle andere betrokkenen succes in hun edele strijd voor gezondheid, zelfdiscipline en omgevingsgenot. Uiteindelijk streven we naar een optimaal gezonde mensheid, zowel lichamelijk als geestelijk.

 


Feiten over tabak, tabakscontrole en ontwikkelingsdoelstellingen:
•    Meer dan 7 miljoen doden door tabaksgebruik ieder jaar, een aantal dat geprojecteerd is tot 8 miljoen toe te nemen tegen 2030, als er geen verandering komt. Tabaksgebruik is een gevaar voor ieder mens, ongeacht sekse, leeftijd, ras, culturele of onderwijsachtergrond. Tabaksgebruik brengt leed, ziekte, dood en brengt landen en gezinnen in financiële nood.
•    Tabaksgebruik brengt enorme kosten met zich mee door toenemende ziekteverzorgingskosten en afnemende productiviteit. Het verslechtert gezondheidsverhoudingen en verscherpt armoede, omdat de armste groepen minder geld uitgeven aan essentiële behoeften zoals voeding, onderwijs en gezondheidszorg. Zo’n 80 % van voortijdige overlijdens door tabaksgebruik vindt plaats in landen met lage of middelbare inkomens, die daarmee grotere moeite hebben hun ontwikkelingsdoeleinden te realiseren.
•    Het verbouwen van tabak vraagt grote hoeveelheden pesticiden en kunstmest, die giftig kunnen zijn en waterreserves kunnen besmetten. Ieder jaar gebruikt de tabakscultuur 4.3 miljoen hectares land wat wereldwijd leidt tot 2 – 4 % ontbossing. De tabaksindustrie produceert ook nog eens meer dan 2 miljoen ton vaste afval.
•    De WHO Raamconventie over tabakscontrole (WHO FCTC) leidt het wereldwijde gevecht tegen de tabaksepidemie. De WHO FCTC is een internationaal verdrag met 180 partijen (179 landen  plus de EU). Momenteel hebben meer dan de helft van de landen op de wereld  (2.8 miljard, 40 % van de wereldbevolking) ten minste  één  belangrijke  FCTC-maatregel genomen Een groeiend aantal landen is bezig muren op te trekken om inmenging van de tabaksindustrie in overheidsbeleid tegen te gaan.
•    Als de belasting op sigaretten met een dollar per pakje verhoogd zou worden, zou een extra 190 miljard dollar voor ontwikkeling ingezameld kunnen worden. Hoge tabaksbelastingen dragen bij aan grotere inkomsten van regeringen, aan een verminderde vraag naar tabak en zorgen voor een belangrijke inkomensstroom om ontwikkeling te financieren.

Naast de voordelen voor ontwikkeling zijn de voordelen voor het individu van het stoppen of minderen van roken  legio, op de terreinen van gezondheid, productiviteit en besteedbaar inkomen. De ontwikkeling van de deugd van matigheid en zelfcontrole kan al deze voordelen oproepen en tegelijkertijd overgewicht en obesitas de wereld uit helpen.

Internationale dag van het gezin (15 mei)

 

Herdersgezin in Nigeria

Het thema van deze internationale dag gaat dit jaar over de rol van het gezin en van gezinsbeleid in het promoten van onderwijs en het algehele welzijn van gezinsleden. Deze Dag heeft als  speciale doelstelling het bewustzijn te stimuleren van de rol van het gezin in het aanmoedigen van vroeg jeugdonderwijs en levenslang leren van de jeugd
De Internationale Dag belicht het belang van alle verzorgers in gezinnen, of het nu ouders, grootouders of broers en zussen zijn en het belang van ouderlijke opvoeding voor het welzijn van kinderen. Karaktervorming en opvoeding tot wereldburgerschap zijn hier een voorbeeld van. De nadruk ligt op het vinden van goede manieren om een evenwicht te bewerkstelligen tussen werk- en gezinsbelangen. Verder ook om ouders te ondersteunen in hun vormings- en verzorgende verantwoordelijkheden. En voor goede faciliteiten van werkgevers om werkende ouders te faciliteren evenals de werkende jeugd zelf.
De Dag beoogt eveneens om het belang te realiseren van kennis en vaardigheden  die nodig zijn om duurzame ontwikkeling tot stand te brengen, inclusief door onderwijs voor duurzame ontwikkeling en duurzame levenspatronen, mensenrechten, gendergelijkheid, bevordering van een cultuur van vrede en geweldloosheid, wereldburgerschap en waardering voor culturele diversiteit.
Veel van de gewenste ontwikkelingen zijn al gerealiseerd in ontwikkelde landen zoals Nederland, in tegenstelling met de ontwikkelingswereld waar nog zo’n 130 miljoen meisjes van regulier onderwijs verstoken zijn.

De duurzame Ontwikkelingsdoelen  2015 – 2030 gelden ook voor rijke landen zoals Nederland. Duurzaam ontwikkelingsdoel nummer vier luidt: ’Verzeker gelijke toegang tot kwaliteitsvol onderwijs en bevorder levenslang leren voor iedereen’. Deze doelstelling houdt ook in een einde te maken aan het misbruik, de exploitatie, de handel en alle vormen van geweld tegen en het martelen van kinderen. Het terugdringen van kindersekstoerisme,  kinderporno en kindermishandeling is een prioriteit van onze regering. De kinderombudsman, sinds 2011 onderdeel van Bureau Nationale Ombudsman, controleert of de kinderrechten in Nederland worden nageleefd door de overheid en door private organisaties. (www.kinderombudsman.nl)

Bewaren

Wereld Telecommunicatie en Informatie dag (17 mei)

In a world of (information) abundance, the only scarcity is human attention.

Vrij naar Herbert Simon

Van mensen van het Boek zijn we mensen van het Scherm geworden!

Kevin Kelly

Bovengenoemde dag (we zijn door omstandigheden een beetje vroeg) is een goede gelegenheid om stil te staan bij  de enorme veranderingen die telecommunicatie, digitalisering en informatievoorziening ondergaan hebben in de afgelopen 25 jaar.  Personal computers en smart phones hebben een enorme invloed op ons dagelijks leven. Met 2 miljard PC’s en 4 miljard smart phones in de wereld zijn deze apparaten niet meer weg te denken, om nog maar niet te spreken over nieuwe communicatievormen zoals Twitter en Facebook die honderden miljoenen mensen van informatie voorzien en velen een goed deel van de dag bezig houden.
En dat schijnt nog maar het begin te zijn. In zijn boek ‘The Inevitable. Understanding the 12 technological forces that will shape our future’  toont de visionaire denker Kevin Kelly een geloofwaardige, optimistische wegenkaart   voor de volgende dertig jaar. Hij laat zien hoe de komende veranderingen gezien kunnen worden als het resultaat  van bestaande lange termijn krachten. Hij beschrijft twaalf ingrijpende tendensen, die onder meer inhouden de

virtuele realiteit

‘verkennising’ van onze omgeving, het primaat van toegang over bezit van dingen en het alom registreren (tracking) van feiten en gebeurtenissen, en hoe die met elkaar samenhangen. Deze twaalf krachten gaan een totale ommekeer teweeg brengen  in hoe we werken, ons ontspannen, leren, inkopen doen en met elkaar communiceren. Door deze versnellingsprincipes te begrijpen en te omhelzen, zegt Kelly, zal het makkelijker voor ons zijn onze dagelijkse relaties  te herschikken op manieren die maximale voordelen van deze nieuwe technologie zullen verschaffen.
Uiteindelijk, voorspelt Kelly,  zullen alle mensen en alle machines met elkaar verbonden worden in een wereldwijde matrix, een samenvoeging  die gezien zal worden als de grootste, meest ingewikkelde en meest verrassende gebeurtenis ooit.
Hij is niet blind voor de gevaren en het misbruik wat deze ontwikkelingen met zich meebrengen op sociaal en ethisch gebied. Maar hij is optimistisch dat de toenemende samenwerking van burgers en het ontstaan van nieuwe sociale systemen de mensheid ongeëvenaarde mogelijkheden voor vrede en ontwikkeling geven..
‘The Inevitable’ bevat prachtige uitspraken, interessante statistieken, veel wijsheid en behulpzame adviezen

Dit boek zou verplichte lectuur moeten zijn voor eenieder die zich bekommert over de technologische evolutie in de komende dertig jaar en wat die met ons gaat doen. Voor we het weten lopen we achter de ontwikkelingen aan.

Deugdethiek en integriteit

Dit is de titel van een in 2010 verschenen boek van de hand van Marcel Becker en medeauteurs Hoekstra, Karssing, Niessen en Van Tongeren.

Hoofdstuk 1 geeft de noodzaak aan voor aandacht voor ethiek in ons openbaar bestuur. Daarbij zien we steeds meer dat de deugdethiek de bestaande regelgeving en de codes kan aanvullen. Hoofdstuk 2 zet uiteen wat een deugd is. Hoofdstuk 3 legt de relatie tussen  deugdethiek en ambtelijke integriteit. Hoofdstukken 4 tot en met 7 zijn gewijd aan de vier kardinale deugden: moed, verstandigheid, maat en rechtvaardigheid. In hoofdstuk 8 krijgt de lezer deugd-ethische tips aangereikt hoe met integriteit aan de slag te gaan.
Het  gaat dus vooral over de overheidsadministratie en de plaats van ambtenaren daarin. Daarbij wordt een eerder gezegde van de Hoop Scheffer aangehaald dat het verschil tussen het bedrijfsleven en de overheid de moraal is. Gesteld wordt dat het in de deugdethiek niet alleen gaat om het zich houden aan regels of gedragscodes of het bereiken van een bepaald doel, maar ook om excellent functioneren. Een goed ambtenaar is 24 uur per dag ambtsdrager in die zin dat hij 24 uur per dag het ambt niet mag schaden.
De deugdethiek richt zich niet op handelingen per se, maar op de houding van een persoon en zijn morele kwaliteiten. De houding is slechts algemeen  van karakter en wordt in de concrete situatie waargemaakt De lastigste integriteitsproblemen zijn die waarin de keuze er een is  tussen verschillende waarden  die om de voorrang strijden  en alle in beginsel goed zijn. We bevinden ons dan  in het grote grijze gebied tussen fraude, corruptie, etc. enerzijds en maatschappelijk geaccepteerd gedrag anderzijds.
Het openbaar bestuur is de afgelopen 25 jaar grondig veranderd. De ambtenaar heeft een grotere beslissings- en beoordelingsruimte gekregen. Hij is dynamisch, flexibel en creatief en kan meer dan voorheen oplossingsgericht werken en dat heeft de discussie over  goed handelen stevig beïnvloed. De intensivering van de aandacht voor de ethiek maakt dat de deugd-ethische achtergrond interessant wordt.  
Als het gaat om (ethische) problemen wordt van de ambtenaar veerkracht verwacht. Hij speelt flexibel in op uiteenlopende situaties, maar wel vanuit de kernwaarden van het openbaar bestuur. Bij deze handelwijze past de deugdethiek die goed handelen beschrijft als een situationeel oordelen door iemand die een goed gevormde houding heeft. Handelingen vloeien voort uit houdingen; houdingen bepalen voor een belangrijk deel onze emoties en ook wat en hoe we waarnemen.
Integriteit komt voor in gradaties en we kunnen groeien in integriteit. De deugdethiek biedt handvaten hoe die groei te stimuleren. De ontwikkeling van de juiste houding is een proces dat nooit eindigt.
De voorbeeldfunctie geldt allerwegen als een van de belangrijkste bijdragen aan een goed integriteitsklimaat. Door ons handelen vormen we niet alleen onze eigen houding, maar ook die van anderen. Omgekeerd zijn anderen vaak belangrijk als referentie voor ons eigen handelen. Deugdzaam is degene die zich optrekt aan het voorbeeld en probeert zichzelf te verbeteren.
De vier kardinale deugden verstandigheid, rechtvaardigheid, maat en moed horen thuis in elke deugd, ook in die van de integriteit . De goede ambtenaar zal deze deugden idealiter in grote mate beheersen.
Integriteitsmanagement beweegt zich heen en weer tussen compliance (strikte regelgeving en controle op naleving) aan de ene kant en values (waarden) aan de andere. Er is momenteel een breed gedeelde overeenstemming dat integriteitsbeleid beide moet omvatten. De deugdethiek die positieve oriëntaties formuleert en positivisme als eigenschap van de persoon zelf ziet, staat aan de zijde van de ‘values’ benadering en weet de sterke kant hiervan optimaal te benutten: zij spreekt de persoon en zijn motivatie direct aan en is complementair aan de bestaande regels en codes.

Voor verdere informatie zie www.integriteitoverheid.nl

Bewaren

Info. Deugden bij filosoof/romancier Alain de Botton

Filosofen houden er vaak andere rangordes van deugden op na. Wij willen graag de ‘set of 10 new virtues for atheists’ van Alain de Botton met u delen. Hij is een bekend romancier en filosoof en heeft een aantal populaire boeken op zijn naam staan, onder meer over liefde en geluk. Hij heeft onder School of Life een groot aantal interessante lezingen op youtube staan, onder meer over liefde, seksualiteit en romantiek. Hij stelt onder meer vast dat vluchtige romantiek de ware liefde schaadt.


De rangorde van de 10 deugden is verschillend van onze rangorde, maar ze komen in grote trekken overeen. Resilience (veerkracht) en self-awareness (zelfbewustzijn) staan normaal niet op andere deugdlijsten, maar zijn zeker waardevolle, zo niet essentiële eigenschappen in de moderne maatschappij.

De Botton’s tien geboden voor atheisten zijn (in het Engels):
1. Resilience. Keeping going even when things are looking dark.
2. Empathy. The capacity to connect imaginatively with the sufferings and unique experiences of another person.
3. Patience. We should grow calmer and more forgiving by getting more realistic about how things actually tend to go.
4. Sacrifice. We won’t ever manage to raise a family, love someone else or save the planet if we don’t keep up with the art of sacrifice.
5. Politeness. Politeness is very linked to tolerance, the capacity to live alongside people whom one will never agree with, but at the same time, can’t avoid.
6. Humour. Like anger, humour springs from disappointment, but it’s disappointment optimally channelled.
7. Self-Awareness. To know oneself is to try not to blame others for one’s troubles and moods; to have a sense of what’s going on inside oneself, and what actually belongs to the world.
8. Forgiveness. It’s recognising that living with others isn’t possible without excusing errors.
9. Hope. Pessimism isn’t necessarily deep, nor optimism shallow.
10. Confidence. Confidence isn’t arrogance, it’s based on a constant awareness of how short life is and how little we ultimately lose from risking everything.

Beautiful Message (Chetan Bhagat)!

Uit het verre Oosten komt veel wijsheid. Hier een voorbeeld

 

Chetan Bhagat

💬  If    You    Are    Right    Then    There    is     No    Need    to    Get    Angry …

💬  And    If    You    Are    Wrong    Then    You    Don’t    Have    Any    Right    to    Get    Angry.

💬  Patience    With    Family    is  Love …..

💬  Patience    With    Others    is  Respect.

💬  Patience    With    Self    is  Confidence  And  Patience  With  GOD  is  Faith.

💬  Never    Think    Hard    About    The    PAST ,    It    Brings    Tears…

💬  Don’t    Think    More    About  The  FUTURE ,  It  Brings  Fear…

💬  Live  This  Moment  With  A  Smile ,  It    Brings  Cheer.

💬  Every    Test    in    Our    Life  Makes  Us  Bitter  Or  Better …..

💬  Every  Problem  Comes  To  Make  Us  Or   Break  Us  !

💬  The      Choice    is      Ours  Whether  We   Become  Victims  Or  Victorious.

💬  Beautiful  Things    Are    Not  Always  Good  But  Good  Things  Are  Always  Beautiful ……  Forever.

💬  ” Happiness ”  Keeps  You ….  Sweet  But   Being  Sweet  Brings  Happiness.

DUURZAME PRODUCENT, DUURZAME CONSUMENT

ONTWIKKELINGSDOEL, SDG 12
Inleiding
De wereld heeft de laatste decennia grote veranderingen ondergaan. Daarbij zijn miljoenen mensen uit de armoede verheven en hebben een aantal landen middelbare inkomensstatus verkregen. Deze ontwikkelingen zijn evenwel voor een groot deel tot stand gekomen ten koste van het milieu. De toenemende vraag naar energie, voedsel, water en andere natuurlijke hulpbronnen heeft geleid tot uitputting van grondstoffen, milieuvervuiling, degradatie van de natuur en klimaatverandering.
Door het consumeren van steeds meer hulpbronnen zijn bestaande ontwikkelingspatronen  niet langer houdbaar. De wereldbevolking zou tegen 2050 9,6 miljard mensen tellen: als we de huidige levenswijze van de ontwikkelde landen behouden, zullen we grondstoffen voor drie planeten nodig hebben.

Een van de kernelementen voor het bereiken van duurzame ontwikkeling is de overgang naar duurzame productie en consumptie. De noodzaak daarvan werd voor het eerst gesignaleerd in de Rio Aardtop van 1992 en bevestigd in de Rio + 20  wereldtop met de aanname van het tienjarige Sustainable Consumption and Production (SCP) Programmakader.
Een van de  duurzame ontwikkelingsdoelen die in 2015 door de Algemene Vergadering van de VN zijn aangenomen is duurzame consumptie en productie, SDG (Sustainable Development Goal), nummer 12. Dit doel is gebaseerd op de intentie de volgende problemen op te lossen:
Voedsel
•    Geschat wordt dat ieder jaar een derde van alle geproduceerde voedsel, het equivalent van 1.3 miljard ton ter waarde van rond de duizend miljard dollar, eindigt in de afvalbakken van consumenten en winkels of verloren gaat door inefficiënt oogsten en transporteren. Twee miljard mensen zijn overgewicht of zwaar overgewicht, terwijl jaarlijks een miljard mensen ondervoed is en een ander miljard niet voldoende te eten heeft. Zo’n  200 miljoen mensen zouden gevoed kunnen worden met verspild voedsel uit Europa;

 

•    Land degradatie, afnemende vruchtbaarheid van de grond, onhoudbaar watergebruik, overbevissing en afkalving van het mariene milieu verminderen de capaciteit van de aarde om  voldoende voedsel te leveren;
•    De voedselsector is verantwoordelijk voor rond de 30% van de totale energieconsumptie en is verantwoordelijk voor ongeveer 22% van de uitstoot van broeikasgassen;
•    De wereld vertoont ongelijke patronen van de kwaliteit van leven en consumptie. Ongeacht welke indicator men gebruikt, ze wijzen allemaal hogere waarden aan voor mensen in ontwikkelde landen in vergelijking met die in opkomende landen.
Water
•    Minder dan 3 % van de werelds water is drinkbaar, waarvan  2.5 % in bevroren ijsmassa’s in de Noord- en de Zuidpool en in gletsjers, zodat de mensheid het moet doen met 0.5% voor al zijn zoetwater behoeften. En de mens vervuilt het water sneller dan de natuur het kan recyclen in rivieren en meren. Een andere sprekende vergelijking: ieder jaar verbruiken we 250 km³ water om levensmiddelen te produceren die verloren gaan of verspild worden. Dit komt overeen met een volume water dat drie maal groter is dan die van het meer van Genève;

•    Meer dan een miljard mensen hebben geen toegang tot drinkwater. Water is een vrij product, maar de infrastructuur om de mensen ervan te voorzien is kostbaar
Energie
•    Ondanks efficiency verbeteringen, zal het gebruik van energie in OECD-landen met 35 % toenemen tot 2020. Commercieel en residentieel gebruik is de tweede snelst groeiende sector na transport in wereldenergiegebruik;
•    In 2002 waren er 550 miljoen voertuigen in de OECD (75% persoonsvoertuigen); de toename ervan tot 2020 wordt geschat op 32%. Tegelijkertijd wordt het aantal gereden kilometers geschat toe te nemen met 40%; vliegtransport wordt verwacht in die periode te verdrievoudigen;

 

•    Huishoudens consumeren 29% van de energie  en zijn verantwoordelijk voor 21% van de CO2 uitstoot;
•    Een vijfde van de wereld energieconsumptie in 2013 was van duurzame oorsprong;
•    Jaarlijks zou 120 miljard dollar bespaard worden als de hele wereld energie-efficiënte lampen zou gebruiken.
Naast het uitvoeren van het 10-jarig Programmakader inzake Duurzame Consumptie- en Productiepatronen, zijn andere subdoelen van SDG 12:
•    Tegen 2030 het duurzame beheer en het efficiënte gebruik van natuurlijke hulpbronnen  realiseren;
•    Tegen 2030 de voedselverspilling in winkels en bij consumenten per capita halveren en voedselverlies reduceren in de productie- en bevoorradingsketens, met inbegrip van verliezen na de oogst;
•    Milieuvriendelijke management van chemische afval in de hele voedselproductieketen;
•    Tegen 2030 de afvalproductie aanzienlijk beperken via preventie, vermindering, recyclage en hergebruik;
•    Bedrijven aanmoedigen, in het bijzonder grote en transnationale bedrijven, om duurzame praktijken aan te nemen en duurzaamheidsintegratie te integreren in hun rapporteringscyclus;
•    Duurzame praktijken bij overheidsopdrachten bevorderen in overeenstemming met nationale beleidslijnen en prioriteiten;
•    Tegen 2030 garanderen dat mensen overal beschikken over relevante informatie over en zich bewust zijn van duurzame ontwikkeling en levensstijlen die in harmonie zijn met de natuur;
•    Rationalisatie van inefficiënte subsidies op fossiele brandstoffen en van belastingheffing daarop;
•    Methodes voor het ontwikkelen en meten van een meer duurzaam toerisme, met schepping van werkgelegenheid en gebruik van lokale producten en cultuur.

De complete uitvoering van SDG 12 vereist de identificatie van de belangrijkste veroorzakers van overconsumptie, evenals van ongelijke consumptiepatronen. Een essentieel onderdeel van dit ontwikkelingsdoel is om de ongelijkheid te verminderen  die met het gebruik van natuurlijke hulpbronnen samenhangt. Anders dan bij de Millenniumdoelen 2000 – 2015, zijn de duurzame ontwikkelingsdoelen 2016 – 2030 ook van toepassing op ontwikkelde landen. Dat heeft dus extra gewicht bij SDG 12. Ontwikkelde landen wordt gevraagd om  het voorbeeld te geven bij het adopteren van duurzame consumptie- en productiemethoden. In feite is het mogelijk om de levensstandaard in ontwikkelingslanden te verbeteren en tegelijkertijd de vraag naar hulpmiddelen door de welgestelden te verminderen. Bijvoorbeeld de afname van voedselverspilling kan de prijs van voedsel verlagen, wat dan de armen ten goede komt. Van ontwikkelde landen wordt ook verwacht dat zij ontwikkelingslanden ondersteunen in het versterken van hun technologische en wetenschappelijke capaciteiten teneinde een begin te maken met duurzame productie en consumptie.
De Nederlandse regering en andere nationale instanties hebben volop deelgenomen aan de besprekingen die hebben geleid tot de aanname van de duurzame ontwikkelingsdoelen. De verplichtingen die hierbij op de ontwikkelde landen rusten, worden ook door Nederland gehonoreerd. Diverse instanties houden zich hier mee bezig. De inventarisatie van de nationale implementatie geeft details over hoe bovenstaande subdoelen bij ons worden aangepakt.
Persoonlijke inzet
Hoe kun je als consument  meehelpen aan het verduurzamen van productie en consumptie?
Er zijn twee belangrijke manieren om dat te doen. De eerste is om de afval die je maakt zo beperkt mogelijk te houden en die op een milieuvriendelijk wijze op te ruimen. Afval beperken kan op velerlei manieren, zoals het niet onnodig kopen  en weggooien van voedsel en andere spullen. Een ander voorbeeld is karig omgaan met het gebruik van plastic en fietsen in plaats van auto rijden.  De tweede manier is om na te denken bij wat je koopt en daarbij, indien mogelijk, een duurzame optie kiest, zoals de aanschaf van gecertificeerde kleren, meubilair, enzovoorts. Je kunt ook deelnemen aan campagnes om druk  op niet-duurzame bedrijven uit te oefenen. Voor meer ideeën kun je http://www.un.org/sustainabledevelopment/ takeaction bezoeken.

N.B. Deze blog is oorspronkelijk gepubliceerd via de media van de Nederlandse Vereniging voor de verenigde naties. Zie daar ook over dit onderwerp http://www.nvvn.nl/sdg-12-duurzame-productie-en-consumptie/

Beleefd Nederland

Met de hoed in de hand kom je door het ganse land.

Ned. spreekwoord

 

Kan ook op de Hindu manier

Je hebt mogelijk gehoord of gelezen dat de Veiligheidsmonitor 2016 van het Centraal Bureau voor de Statistiek constateerde dat het aantal Nederlanders dat respectloos door andere Nederlanders behandeld wordt weer gedaald is, net als in eerdere jaren.
Was in 2008 nog een kwart van de Nederlanders de dupe van respectloos gedrag op straat, in 2016 is dit gedaald naar 21 procent. Onbeschoft gedrag van winkelpersoneel en bedrijven is het sterkst afgenomen, van 23 procent in 2008 naar 14 procent afgelopen jaar.
Ook ervaren minder mensen onbehouwen gedrag van overheidspersoneel en van personeel in het openbaar vervoer.
Jongeren (vijftien tot 25) krijgen vaker te maken met onbeschoftheid dan ouderen, stedelingen vaker dan dorpelingen. Ruim een kwart (27 procent) van de jongeren heeft te maken met respectloos gedrag van onbekenden op straat. Bij 65-plussers is dit 10 procent.
Daarnaast geven homo’s en lesbiennes vaker aan respectloos te zijn behandeld dan heteromannen en -vrouwen. Dat is vooral op straat en in het openbaar vervoer het geval.
Dit is een verheugende ontwikkeling. Mijn persoonlijke ervaring, met het voordeel senior te zijn, bevestigt dat praktisch iedereen je netjes behandelt, op straat, in de winkel en bij de overheid.
Na terugkomst van een loopbaan in het buitenland, verwachtte ik terug te keren in een minder galante of zelfs botte Nederlandse omgeving. En de typische meningen van buitenlanders over het gedrag van Nederlanders zijn vaak niet vleiend: de lompe Nederlander! En dat viel enorm mee! Het meest opvallend is het verkeersgedrag. Terwijl dat bij ons vertrek in de jaren zestig nog een wildwest was met oorverdovend getoeter en geclaxonneer, is het verkeer in het algemeen gedisciplineerd en is de autorijder vaak hoffelijk, een heer (en dame) in het verkeer.
Geweldig die verbetering. Volhouden, we horen als land al aan de top van veel goede omstandigheden, zoals vrijheid en geluk. Misschien gaan we nog eens tot de top van de beleefdste landen behoren.
Wat wel een ontnuchterende ervaring was gisteravond was de taal van Geert Wilders in het laatste verkiezingsdebat: het was niet alleen onbeschoft, het was gewoonweg weerzinwekkend. Voor hem de eerste prijs voor roeptoeten en haatzaaierij!

Eerste prijs roeptoeten

Intieme relaties. Quo Vadis?

 

   HET HUWELIJK  

‘Heb elkander lief, maar maak de liefde niet tot een verplichting;
Laat zij liever een zee zijn die deint tussen de kustlijnen van je beider ziel.
Vul elkanders beker, maar drink niet uit dezelfde bokaal.
Geef elkander te eten, maar eet niet van een en hetzelfde brood.
Zing en dans samen, maak het leven tot een feest, maar laat elkaar vrij,
Zoals de snaren van een luit op zichzelf staan, al doortrilt hen dezelfde muziek’

Uit ‘De profeet’ van Kahlil Gibran
Met bovenstaand gedicht begint het essay ‘Koppels. Quo Vadis’ wat ik zo net onder ‘Verwante Onderwerpen’ op deze website heb gezet. Het beslaat een vijftigtal pagina’s die een combinatie van wijsheid van geleerden en van eigen ervaringen zijn op het gebied van huwelijk en partnerschap. Na het Voorwoord beschrijft de introductie de tien uitdagingen waar praktisch alle twee miljard huwelijken in de wereld mee te kampen hebben. Vervolgens gaat het voornamelijk over het huwelijk in de westerse wereld. Hoofdstuk 1 geeft een beschrijving van de functies van het huwelijk zoals liefde, seksualiteit, nageslacht en kameraadschap. Hoofdstuk 2 heeft de titel ‘op vrijersvoeten’ en gaat vooral over de rol en werking van dating sites, die de laatste tien jaar populair zijn geworden voor het identificeren van partners.

In hoofdstuk drie hebben we het over huwelijksonderhoud, inclusief een aantal suggesties waarmee je je relatie op peil kunt houden. Eén sleutelgegeven is dat je tegenover elke negatieve ervaring met je partner vijf positieve ervaringen moet realiseren om de relatie op niveau te houden. Flink wat aandacht wordt besteed aan de ‘waterval’ van Gotmann, Amerikaanse huwelijksgoeroe, waarmee hij symbolisch de vicieuze cirkel van een op de klippen lopend huwelijk beschrijft. Ook hoe je die cirkel weer deugdzaam kunt maken. In hoofdstuk 4, ‘Quo Vadis’, bekijken we de evolutie van het huwelijk in de laatste zeventig jaar en proberen we aspecten van het toekomstige huwelijk te ‘voorspellen’.

Het laatste hoofdstuk, 5, geeft een summiere beschrijving van de heilzame invloed van een aantal deugden op het huwelijk.

We nodigen je graag uit kennis te nemen van de inhoud van het essay. De hoop is dan dat het je gedachten stimuleert en bijdraagt om de relaties met je partner of met de sekses in het algemeen op een hoger plan te tillen.